Waarom vergeten ouders toch altijd hoe je vrienden heten?

Telkens als je jezelf je ouderlijk huis uitbonjourt en iets roept als: 'Nou ik moet rennen voor de trein, anders kom ik te laat op Jesse's afscheidsbarbecue!' hoor je de schelle alzheimerkreet van een ouder: 'Van wie?! Jij zat toch bij hem in groep 5?!' Ze weten echt wel wie Jesse is en dat je hem pas twee jaar geleden hebt ontmoet op je studie. Waarom moeten ze dan toch altijd ad hoc even de namen van je vrienden kwijt zijn?

Je ouders' bronnen beperken zich tot uitgedraaide fotorolletjes, jaarboeken en het dvd'tje van je eindejaarsgala.
Telkens als jij appt een stedentripje te hebben geboekt met Ashley, is je vader weer genoodzaakt de klassenfoto van H2A uit 2006 onder de loep te nemen. Wie is die Ashley ook alweer? 'Maar, je hebt ook zo veel vrienden', zal je moeder telkens als excuus gebruiken. In werkelijkheid hebben ze Ashley gesproken op talloze verjaardagen, heeft je vader jullie al een paar keer eerder naar Schiphol gebracht en heeft de meid een jaar bij jullie gecrasht toen ze haar huis werd uitgezet.

Ze denken dat je nooit nieuwe vrienden maakt, net als zijzelf.
In de belevingswereld van Wim en Marije ga je daarom nog steeds om met je basisschoolvrienden. Als het aan hen lag, ‘speelde’ jij nog steeds iedere woensdagmiddag met Paul, de verstandelijk beperkte jongen uit de buurt waar jij vroeger Pokémonkaarten en complete K’nex-sets van jatte. Als je ouders een surprise party voor je organiseren is de kans groot dat je Paul daar treft, hangend aan een sta-tafel terwijl 'ie Provençaalse cocktailnoten in zijn neus propt en met z'n Nintendo hannest. 'Echt niets veranderd is 'ie hè!' roept je moeder, terwijl zij de andere gasten op je basisschoolreünie voorziet van augurkjes opgerold in plakken ham en jij machteloos toekijkt naar deze freaks uit het verleden.

Ze zijn selectief dementerende.
Je ouders weten op de komma na het bedrag te noemen dat je ze nog schuldig bent (van dat meubilair dat ze hadden voorgeschoten voor je nieuwe huis, toen je hen zo nodig moest verlaten). Ook weten zij wél hoe hoog je studieschuld is, welke rekeningen jij nog allemaal open hebt staan en drukken ze jou elke samenkomst op het hart dat je wel goed verzekerd moet zijn voor ALLES. Ga er maar van uit dat ze meerdere multomappen op zolder hebben liggen met jouw financiën erin (terwijl je die al jaren zelf regelt). Maar namen van je vrienden onthouden, ho maar. Ouders zien zichzelf graag als jouw vleesgeworden boekhouding en financieel kompas, waar geen plaats is voor vertier en het delen van emoties (zeg: dingen die je echt iets boeien).

Ze erkennen het bestaan van jouw vrienden pas, als ze hun ouders ook kennen.
Meestal als een van je ouders weer eens roept: 'Met wie?! Ken ik haar?' ga je de vertrouwde checklist af: Naam, ken haar van de studie, de studie is in Amsterdam, ze komt oorspronkelijk uit Utrecht. 'Wie!?' zegt je moeder dan terwijl ze haar kop kamillethee met twee handen naar haar mond lift en in haar hoofd alle buurmeisjes afgaat. 'Dat meisje zonder benen, kom op dit weet je!' Ze reageert door haar schouders op te gooien en haar wenkbrauwen golfbewegingen te laten maken. 'HET ROMPJE VAN COMMUNICATIEWETENSCHAPPEN!!!' snauw je terug. Grote kans dat er nog steeds geen belletje rinkelt. Maar als je daar dan aan toevoegt: 'En haar moeder heet Ria'. POK! Je hebt een aanknopingspunt te pakken waardoor in ieder geval moeder de boel vertrouwt en onthoudt. Ma zakt weer tevreden in haar stoel en maakt haar sudoku af.

Speltip voor als je je ouders eindelijk weer eens opzoekt: Wip langs de slijterij en koop een paar doorzichtige flessen met Poolse of Russische opdruk. Laat papa en mama een lijst maken van jouw beste vrienden. Telkens als ze een fout maken (door bijvoorbeeld jeugdvriend Jeroen, inmiddels overleden buurjongen Duncan of Sabia Boulahrouz op te schrijven) voer je ze een shot. Nou, kijken wat er gebeurt!